In mijn leven probeer ik zo duurzaam mogelijk te zijn. Zo scheid ik mijn afval, gebruik ik ecologische schoonmaakmiddelen en shampoo zonder parabenen, gebruik in groene stroom en ben zuinig met stroom en water gebruik. Mijn verwarming gaat pas aan als ik daadwerkelijk thuis ben en alleen op de plek waar ik op dat moment ben. Ook koop ik biologisch geteelde groenten en ben ik flexitariër (ik eet nog maar heel weinig vlees). En ik koop Fairtrade producten als thee, koffie en chocola. Mijn meubels zijn gemaakt van FSC hout. Er is echter één gewoonte die helemaal niet duurzaam is: mijn vakanties. Ik houd er van om verre vliegreizen te maken om nieuwe culturen en natuur te ontdekken. De reisorganisatie met wie ik meestal reis compenseert tegenwoordig wel voor een paar euro mijn CO2 uitstoot maar ik zag laatst op TV dat dit eigenlijk niets uithaalt. Wil je echt je CO2 uitstoot van een vliegreis willen compenseren dan ben je een paar honderd euro kwijt…
Het is wel zuur te beseffen dat mijn dagelijkse gewoontes om duurzaam te zijn eigenlijk te niet worden gedaan door met het vliegtuig op vakantie te gaan. Ik vind dit wel een dilemma!

Laatst hoorde ik ook op TV dat veel GroenLinks stemmers met het vliegtuig op vakantie gaan. Zouden mensen die duurzaamheid een warm hard toe dragen dan ook avontuurlijker zijn net als ik? Stiekem hoop ik dat vliegen in de nabije toekomst een hoop duurzamer wordt, maar ik hoor daar weinig over in de media. Het heeft blijkbaar geen prioriteit.

En met mijn vliegreizen draag ik ook nog eens bij aan de groei van Schiphol en de mogelijke uitbreiding naar Lelystad met laagvliegroutes over Wageningen en de Veluwe. Daar word ik ook niet echt blij van.

In november/december was ik op vakantie in Mexico, Guatemala, Honduras en Belize. In Mexico zag ik vanuit onze luxe toeristenbus de Hondurese vluchtelingen lopen langs de snelweg op weg naar de Verenigde Staten. Dan besef je je hoe goed jij het eigenlijk hebt! Jij bent daar op vakantie. Van een Vlaming die al 18 jaar in Honduras woonde hoorde ik dat het voor de Hondurezen heel moeilijk is om uit de vicieuze cirkel van armoede te komen tenzij je vlucht naar de Verenigde Staten of in de drugscriminaliteit gaat. Zelfs scholing van jongeren zou weinig bijdragen maar ik heb toch maar mijn bijdrage geleverd en een kind een schoolboek cadeau gedaan. Nu maar hopen dat er ook genoeg leerkrachten komen om deze kinderen te onderwijzen.

Tamar Reijnen,
VWI bestuurslid